De creatieve avonturen van een Wolvrouw (meestal) en een Houtman (zo nu en dan)

.


Posts tonen met het label verven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verven. Alle posts tonen

zondag 11 oktober 2015

Goudkoorts

Wat ook zo leuk is aan de herfst is dat er verdacht veel verfplanten beschikbaar zijn: vlierbessen, guldenroede, walnootbolsters, afrikaantjes.
De natuur doet haar best om je in de stemming te krijgen voor het fijne binnenwerk, zeg maar.

Vriendin plukte een mand vol afrikaantjes voor me uit haar moestuin, daar zei ik geen nee tegen.

Helaas had ik geen aluin in huis om de wol mee te beitsen. Aangezien er in Drenthe niet altijd een Kruidvat of iets dergelijks om de hoek is, ging ik noodgedwongen mijn eigen moestuin in om rabarber te plukken.
Ik weet van eerdere verf-avonturen dat rabarberblad ook beitst, waarschijnlijk niet zo sterk als aluin, maar het alternatief is urine en aan dat idee moet ik nog even wennen.

Ik vond in de krochten van mijn atelier nog een streng wol, een streng naturelkleurige katoen en een streng grijsachtige katoen. Kunnen we meteen zien of wol en katoen verschillend gaan reageren.

wol, naturel katoen, grijzige katoen
Het fijngesneden rabarberblad gaat in een (lingerie)zakje (en vooruit, aangezien ik de stengels ook had geplukt, die er maar bij gedaan, op hoop van zegen - veel gaat hier op hoop van zegen - daar komen soms leuke dingen van).
Vervolgens in een grote emaillen pan met ruim water.

De natgemaakte strengen erbij en een uurtje laten borrelen, tegen de kook aan.

Afkoelen en uitknijpen (dat wordt later eindeloos draden uitzoeken, vrees ik), afrikaantjes in het zakkie en de hele bubs opnieuw in de pan, met schoon water, op een suddervuurtje.

Weer een paar uurtjes laten borrelen (niet koken), ondertussen een wandelingetje gemaakt in het bos om te kijken of de tamme kastanjes al rijp zijn (nog een weekje, schat ik).
Thuisgekomen opgewonden de strengen uit de pan gevist.
Grijs.
Grauw.
Grrr.
Boos goot ik er een scheut ammoniak bij in. Daar, zal je leren!
Bingo!
In een fractie van een seconde sprongen ze op groen.
Geel!
Goud!!

Oh, lieve lezers, was ik toen maar tevreden geweest met het resultaat! Ik had ze blij en liefdevol uit moeten spoelen! Waarom, waarom wil een mens toch altijd meer?
Maar helaas, meer goud wilde ik: ik deed er nog een scheut ammoniak bij.

Geschokt zag ik het goud terugglijden naar grijsgroen en grijsgeel. Ik gooide er nog snel wat azijn in, het mocht niet meer baten.

Bittere tranen schreide ik, maar het leed was geleden.

Nou gaan jullie natuurlijk zeggen dat ik niet moet zeuren, dat ze nog steeds wel aardig, best leuk, niet echt lelijk zijn.
Dat grijsgroen dé kleur wordt voor deze winter.

Maar wie eenmaal goud heeft gevonden en het weer heeft verloren, voelt het gemis tot in het einde der dagen.

vrijdag 20 september 2013

Wol verven


Sokken, mutsen, sjaals, omslagdoek. Ik heb mijn meeste breisels min of meer succesvol afgerond.
De breiwol raakte echter op, dus ging ik koortsachtig op zoek naar meer.

Oei, ik was even vergeten hoe hartstikke duur dat is!  Dat wil zeggen, als je echte wol wilt. Bij Zeeman ligt het acryl huizenhoog opgestapeld, maar voor een echte wolvrouw voldoet dat natuurlijk niet.
Gelukkig had ik bij een groothandel al snel naturel wolstrengen te pakken, tegen een redelijke prijs.


Maar naturel is maar naturel en ik hou van kleur, dus ging ik een paar middagjes verven met vriendinnen.
Wol verven met natuurlijke grondstoffen is, in tegenstelling tot je haar verven, erg leuk om te doen.
De eerste keer was ik in de weer bij vriendin Jannetje, van Viltwerkplaats Gieten. Ik kwam thuis zonder foto's, maar met een mand vol moois:

Berkenblad (gebeitst met rabarber) geeft het geel. Blauw is van indigo, groen door de combinatie.
Een volgende verfdag was ik bij Ineke, van Wol'ndraad, voor een workshop natuurlijk verven. Dit keer met camera om het voor jullie vast te leggen. Letten jullie even op?


Basisregel: natuurlijk verven begint altijd met thee en chocola, da's logisch.
Daarna verfden we wolstrengen met boerenwormkruid voor de kleur geel: voor de kleur op zich, maar ook om het later te kunnen mengen met rood en blauw.
Gedroogd boerenwormkruid is minder sterk dan verse, hebben we weer geleerd.

wol eerst weken in water...
...dan in bad met boerenwormkruid (in een zakje!)

waarempel, het is geel
Niet alle planten geven kleur en niet alle kleur is blijvend, dus denk niet dat je er met alleen mijn blogje wel uitkomt. Dit is serious business!

Volgende stap, de kleur rood. Het werd steeds spannender, want hier gebruikten we fijngestampte luizenlijkjes voor. Voor de kenners: cochenille.
Ik ging nog even de discussie aan of deze prachtige kleur rood al die duizenden leventjes wel waard was, maar ik geloof niet dat de wereld al rijp is voor die gedachte. Dus ik deed water bij de wijn en cochenille bij de wol.


met aluin als beits wordt het...
...paars
met wijnsteenzuur als beits wordt het...
...heel erg rood!
Net nu jullie het verhaal natuurlijk een beetje saai gaan vinden  (niet iedereen raakt opgewonden van wol, dat snap ik ook wel)  komt het spannendste: de indigo.
Het gebruik van indigo bestaat al meer dan 3000 jaar, het is de enige plant die diepblauw verft, komt o.a. uit India en vele mensen hebben er oorlog om gevoerd.
Hier dus geen luisjes maar echte mensen die hun levens hebben geofferd.

er gaan nog wat hulpmiddeltjes bij, héél voorzichtig

Het mooiste moment: als de streng wol uit het indigobad komt is het groen, door het contact met zuurstof wordt het, voor je ogen, blauw.
Uit één pan kan je meerdere kleurbaden gebruiken, ze worden dan steeds lichter. Zo krijg je prachtig verlopende tinten blauw.



Natuurlijk verf je wat van de rode en gele strengen over met indigo. Zo krijg je resp. paars en groen.

rood, roze, paars, blauw
blauw, groen, geel
En zo eindigde deze natte herfstdag met een prachtige regenboog:


woensdag 17 april 2013

Stempelen

Na een aantal mislukte pogingen om met gummetjes, aardappelen, potloodkontjes en kurken stempels te maken heb ik besloten het maar toe te geven: ik ben niet in de wieg gelegd voor werk op microscopisch niveau. Tenzij het kwantummechanica is.
Bovendien heb ik onderhand een aardige voorraad stempels opgebouwd van grootheden als LittleZ en Creacuties, dus waarom zou ik mezelf nog tergen met dingen waar een mens geduld voor moet hebben.

Wat ik wel heel leuk vind is het bestempelen van stoffen!
Ik wilde al een poos van een oud wit laken iets moois maken, zoals een kussensloop, een waszak of, wie weet, misschien zelfs wel een rokje!
Alleen dus geen gepriegel meer, hop, we doen het nu gewoon groot en stoer.


Als je met een Houtman getrouwd bent ligt het huis (dat wil zeggen, zijn werkplaats) vol met mooie stukjes hout. Die werden de basis. En als moeder van twee creatieve kinderen was er ook nog volop knutselfoam (je kent het wel, die platte stukjes schuimplastic in allerlei kleurtjes).
Met die twee onder de arm toog ik naar vriendin Erna, die altijd in is voor een creatief middagje.


Eerst de stempels maken:  van het knutselfoam knipten we verschillende vormen. Die werden vervolgens (met hobbylijm) op de houtblokjes geplakt. Dat laat je een uurtje drogen.

Tijdens het drogen drink je thee met chocola. Belangrijk detail.



Als ze droog zijn (het beste is natuurlijk om ze een nachtje te laten liggen, maar goed, ik heb het al over mijn ongeduld gehad...) verf je er met een kwast textielverf op (in mijn geval van het merk Permaset Aqua, dus op waterbasis) en vervolgens kan de pret beginnen.




Na een middag stempelen was dit het resultaat.



De eerste zakjes hangen nu in onze badkamer. Met allerlei frutsels erin die wij vrouwen in een badkamer onder handbereik willen hebben.


Op de bank buiten, in het kostbare (want zo lang ontbeerde) lentezonnetje, ligt het eerste kussen.
Het kussen en het rode zakje heb ik eerst met Dylon nog een verfbad gegeven, je kan tenslotte nooit genoeg kleur hebben.


Nou nog dat rokje.